Het huis van uitgestane angsten In het toenkwadraat het heden Het eind trok aan het langste Het verhaal van lijf en leden De ramen zijn van kattenkwaad In het ongelijk bedreven De muren zijn met naald en draad Aan de gevel vastgeweven Een galg staat in de kamer Daar kun je aan gaan hangen Een sikkel en een hamer Maken een levend mens nog banger De spoken vieren feestjes De trollen zijn de pisang Het feitenneukersbeestje Kwam deze keer eens niet langs Er lopen lijken uit de kasten En geen geest wenst nog te kloppen De doden zeulen loden lasten Met purperrode koppen Het spookhuis rent niet voor zijn leven Het vreest zijnsondanks de morgen Wanneer het huis wordt teruggegeven En de dood wordt opgeborgen.