Tekst

Gedichten van anderen

Speedo revisited (Frans Smulders)

't Zal dan misschien voor even helpen,
Maar aderlaten is een nare boel
De vlijm te diep, 't bloed haast niet te stelpen
Geeft op den duur een duizelig gevoel.
Tien jaar loop ik nou te bloeden
Het giftig bloed, dat brandde, vloeide eerst
En met dat bloed de onmacht en de woede
Waardoor 'k tot nu toe steeds nog werd verteerd.
Maar 't verliefde bloed dat wilde blijven
Dat wil niet weg uit mijn gekwelde hoofd
Zodat 'k uiteindelijk nog dit lied moest schrijven
Dat ik je, tien jaar terug, ooit had beloofd.

Ik heb die foto weer eens voor de dag gehaald,
Waarop je niks meer dan één oorbel draagt
Ik had hem zeker stiekem kunnen nemen
Maar ik had het toch maar eerst gevraagd
Jij was gaan slapen tussendoor zoals je vaker deed
En je rook nog naar het bubbelbad
Ik had van puur geluk wel kunnen janken
Omdat ik je bij me had.
Die schaduw langs je kin bij 24 DIN
Die oorbel maakte 't kompleet
Kijk, je lacht naar mij, je bloost erbij
Omdat je, naakt, je toch wat weerloos weet.

Maanden had ik lopen drammen
Maar jij had elke keer een goeie smoes
Dat je toch niet zomaar bij hem weg kon gaan
Dat je studeren moest
Dat ik moest snappen dat je je niet delen kon
Dat ik moest weten dat je hield van mij
Dat jij met toevertrouwen kon dat ik het beste vree 
Van allebei.

Omdat gezeur niet echt 't tij kon keren
Praatte ik jou vervolgens naar de mond
Maar wat ik in mijn wanhoop ook probeerde
Ik kreeg nooit meer dan één teen aan de grond
Ik heb lopen bloeden om 't pleit te winnen
Maar het succes was steeds van korte duur
Één mooi memento schiet me nu te binnen
Die oorbel ligt nog altijd hier
Maar op die foto met intieme pose
Daarop lig je nog alleen voor mij
Daar op dat bed lig je naar mij te blozen
Omdat ik het beste vree van allebei. 

Alle texten op deze site © Martin Beversluis 1990-
Website: Pepijn Lemmens, www.pepijnlemmens.com